Schepping & Dankbaarheid·11 augustus·dag 223
Het is niet van jou
Er is één zin die alles verandert over hoe je met spullen, geld en de aarde omgaat: het is niet van jou. Het is je toevertrouwd.
“Laten We mensen maken, mensen die op Ons lijken.” (…) God zegende hen en zei tegen hen: “Krijg veel kinderen, zodat er heel veel mensen komen.” (…) En God keek naar alles wat Hij gemaakt had en het was heel goed.
De mens krijgt in Genesis 1 een taak: heersen over de schepping. Dat woord is vaak misbruikt, alsof de aarde een grondstof is die je mag opmaken. Maar lees de context. De mens lijkt op God. En hoe heerst God? Door te maken, te zegenen, te zorgen, te kijken en te zeggen: goed.
Zo heersen wij ook. Niet als eigenaar, maar als beheerder. De aarde is van Hem; wij mogen ervoor zorgen. In Genesis 2 staat het nog concreter: de mens wordt in de tuin gezet om die te bewerken en te bewaken. Tuinman, geen exploitant.
Dat verandert alles.
Je geld is niet van jou; het is je toevertrouwd om goed mee om te gaan. Je huis, je spullen, je tijd: hetzelfde. En de lucht, het water, de bomen, de dieren: ook. Je hebt ze in bruikleen, van Iemand die er later naar zal vragen.
Dat is geen last. Het is een eer. Wie een tuin toevertrouwd krijgt, is blij. Hij snoeit, plant, geeft water. Niet omdat het moet, maar omdat het van iemand is van wie hij houdt.
Vandaag: doe één ding met die houding. Zet de kraan uit als je je tanden poetst. Loop naar de winkel in plaats van rijden. Repareer iets in plaats van weggooien. Geef iets weg. Niet omdat het je gered wordt, maar omdat je een goede beheerder wilt zijn van wat je is toevertrouwd.
Bron: Genesis 1:26-28, 31 (BasisBijbel)