Schepping & Dankbaarheid·20 augustus·dag 232
Genoeg
Er is één woord dat dankbaarheid mogelijk maakt en dat onze tijd bijna vergeten is. Het staat in de woestijn, bij het manna.
Israël in de woestijn. Elke ochtend ligt er manna op de grond, en de instructie is precies: raap wat je nodig hebt voor vandaag. Wie meer raapte, had niet over. Wie minder raapte, kwam niet tekort. En wie bewaarde voor morgen, vond de volgende dag wormen.
Genoeg. Elke dag genoeg. Niet meer, niet minder.
Het is de moeilijkste les van de woestijn, en van ons leven. Want alles om ons heen zegt: meer. Meer geld, meer ruimte, meer spullen, meer ervaringen, meer volgers. En als je meer hebt, verschuift de lat, en heb je weer te weinig.
Dankbaarheid kan niet leven in “meer”. Ze leeft alleen in “genoeg”. Zolang je kijkt naar wat je nog niet hebt, heb je niets om voor te danken. Zodra je zegt “dit is genoeg”, opent alles zich.
Paulus schreef vanuit de gevangenis: ik heb geleerd tevreden te zijn met wat ik heb. Geleerd. Het was geen karakter, het was oefening. Overvloed en gebrek, hij kende beide, en in beide had hij het geheim gevonden.
Het geheim is niet dat je stopt met verlangen. Het is dat je weet wat je nodig hebt, en dat je ziet dat het er is. Elke dag manna. Elke dag brood. Elke dag adem.
Kijk vandaag naar wat je hebt en zeg het hardop: Dit is genoeg. Dank U. Kijk wat het met je doet.
Bron: Naar Exodus 16:16-18