Discipelschap·26 september·dag 269
De leerling is niet meer dan zijn meester
Jezus zei een zin die nuchter maakt: een leerling staat niet boven zijn leraar. Als zij Mij zo behandelden, wat verwacht jij dan?
Een leerling staat niet boven zijn leraar. Het is genoeg als de leerling wordt als zijn leraar. Jezus zegt het tegen de twaalf voordat Hij ze uitstuurt. En Hij bedoelt er twee dingen mee.
Het eerste is een doel. Je hoeft niet beter te worden dan Jezus. Je hoeft niet iets nieuws te bedenken. Het is genoeg als je op Hem gaat lijken. Dat is al meer dan een leven vraagt.
Het tweede is een waarschuwing. Als ze de leraar hebben uitgescholden, zullen ze de leerlingen ook uitschelden. Als de wereld Mij haat, zegt Hij in Johannes, weet dan dat ze Mij eerder haatte dan jullie.
Dat is niet iets wat je vaak hoort in een reclame voor geloof. Volg Jezus, en je krijgt gedoe.
Maar het is eerlijk, en het is ook een soort troost. Als je merkt dat mensen je raar vinden om hoe je leeft, als je een grap moet incasseren, als een relatie schuurt omdat jij anders bent gaan denken: dat is geen teken dat je het fout doet. Het kan een teken zijn dat je op Hem begint te lijken.
Natuurlijk: soms krijg je gedoe omdat je gewoon irritant bent, en dat moet je niet verwarren met vervolging. Maar als je vriendelijk bent, dient, eerlijk bent, en het levert je toch weerstand op: dan loop je in zijn sporen.
De leerling is niet meer dan zijn meester. Hij kreeg een kruis. Jij krijgt af en toe een scheve blik. Dat is te dragen.
Bron: Naar Matteüs 10:24-25 en Johannes 15:18-20