Discipelschap·30 september·dag 273
Ik ben er nog niet
Laatste dag van de maand van discipelschap. Paulus, na dertig jaar volgen, zegt eerlijk waar hij staat: nog niet. En hoe hij toch doorgaat.
Ik verbeeld me niet dat ik er al ben, of dat ik al volmaakt ben. Maar ik doe erg mijn best om die volmaaktheid te grijpen. Want dat is het doel waarvoor ík ben gegrepen door Jezus Christus. Broeders en zusters, ik verbeeld me niet dat ik mijn doel al heb bereikt. Maar ik doe maar één ding: ik vergeet wat voorbij is en strek mij uit naar wat nog komen gaat. Ik span mij tot het uiterste in om mijn doel te bereiken.
Dit schrijft Paulus aan het eind van zijn leven. De man die de helft van het Nieuwe Testament schreef, die gemeenten stichtte in half het Romeinse rijk, die gestenigd en gegeseld werd en doorging. En hij zegt: ik ben er nog niet.
Dat is niet valse bescheidenheid. Het is de eerlijkheid van iemand die weet hoe groot het doel is. Op Jezus lijken. Daar ben je niet na dertig jaar. Daar ben je niet na tachtig jaar.
Maar let op wat hij dan doet. Niet: dus geef ik op. Niet: dus is het onzin. Hij doet één ding. Vergeten wat achter hem ligt, uitstrekken naar wat voor hem ligt.
Ik ben gegrepen. Dat is het anker. Paulus grijpt niet naar Jezus in de hoop Hem te pakken. Jezus heeft hem al gepakt, op de weg naar Damascus. Alles wat Paulus doet, is antwoorden op dat gegrepen zijn.
Zo is het met jou ook. Je bent er nog niet. Na negen maanden niet. Na dit jaar niet. Maar je bent gegrepen. Dat is het enige wat je nodig hebt om door te gaan.
Morgen begint oktober: vergeving en genade. Precies wat een leerling die er nog niet is, nodig heeft.
Bron: Filippenzen 3:12-14 (BasisBijbel)