Vergeving & Genade·15 oktober·dag 288
Schrijf de brief die je niet verstuurt
Sommige dingen kun je niet zeggen tegen de persoon zelf. Vandaag schrijf je ze toch op, helemaal, en doet er dan iets mee wat bevrijdt.
Dit is een oefening die therapeuten en geestelijk begeleiders al lang gebruiken. Ze werkt.
Stap 1: kies de persoon. Iemand die je iets heeft aangedaan, en tegen wie je het nooit helemaal hebt kunnen zeggen. Misschien omdat het niet kon, niet veilig was, of omdat de persoon er niet meer is.
Stap 2: schrijf de brief. Met de hand. Begin met de naam. En schrijf dan alles. Wat er gebeurde. Wat het met je deed. Wat je nooit hebt gezegd. Hoe boos je bent. Hoe verdrietig. Zonder filter, zonder netheid. Niemand leest dit.
Stap 3: lees hem hardop. Aan God. Op je gebedsplek. Elk woord. Hij kan het aan.
Stap 4: schrijf onderaan één zin. Kies:
- Ik vergeef je. Als je dat kunt.
- Ik wil je vergeven. Help mij. Als je dat nog niet kunt.
- Ik leg dit bij God neer. Als je niet weet wat je kunt.
Stap 5: doe hem weg. Verbrand hem, veilig, boven de gootsteen of buiten. Of scheur hem in kleine stukjes. Of begraaf hem. Terwijl je dat doet: Dit draag ik niet meer alleen.
Waarom dit werkt: wat in je hoofd zit, draait rondjes. Wat op papier staat, kan weggaan. En wat hardop tegen God is gezegd, is gehoord.
Dit is geen vervanging voor een gesprek als dat wel kan. Maar voor alles wat niet gezegd kan worden, is dit een weg.