Advent & Kerst·18 december·dag 352
Luisterverhaal: De timmerman
Een verhaal om te luisteren. Over de man in het kerstverhaal die geen woord zegt, en die alles moest opgeven om erbij te horen.
Drie minuten. Ga even zitten.
Jozef is timmerman in Nazaret. Een gewone man, verloofd met een meisje uit het dorp. Verloofd betekende in die tijd: juridisch getrouwd, alleen nog niet samenwonend. Een jaar wachten, en dan het feest.
En dan is ze zwanger.
Hij weet dat het niet van hem is. Iedereen zal het weten. En de wet is duidelijk: dit is overspel, en hij kan haar publiekelijk aanklagen. Ze zou verstoten worden. Of erger.
Matteüs schrijft één zin over hem: Jozef was een rechtvaardig man en wilde haar niet te schande maken. Dus hij besluit stil te scheiden. Geen aanklacht, geen schandaal. Haar laten gaan, zonder haar kapot te maken. Het is het beste wat hij kan bedenken.
Die nacht droomt hij.
“Jozef, zoon van David, wees niet bang om Maria als je vrouw te nemen. Het kind is van de Heilige Geest. Ze krijgt een zoon, en jij moet Hem Jezus noemen.”
Jij moet Hem noemen. Dat is wat een vader doet. De engel vraagt Jozef om vader te zijn van een kind dat niet van hem is.
Wat dat kost: het dorp zal rekenen. Iedereen zal denken dat hij het was, of dat hij een bedrogen man is die het slikt. Zijn naam is weg. Zijn plannen zijn weg.
Jozef wordt wakker. En Matteüs schrijft: hij deed wat de engel gezegd had.
Geen discussie, geen vraag. Hij neemt haar in huis. Hij gaat met haar naar Bethlehem. Hij zoekt een plek als er geen plek is. Hij noemt het kind Jezus. En als Herodes komt, staat hij midden in de nacht op en vlucht naar Egypte, met een vrouw en een baby die allebei niet van hem zijn.
Er is geen enkele zin van Jozef opgeschreven. Niet één. Hij is de enige hoofdpersoon van het kerstverhaal die zwijgt.
Stilte.
Soms is gehoorzaamheid niet iets wat je zegt. Het is opstaan in de nacht en doen wat gevraagd wordt. Ook als het je naam kost. Ook als niemand het snapt.
Jozef zei niets. En het kind kreeg een vader.
Bron: Naar Matteüs 1:18-25