Advent & Kerst·23 december·dag 357
God is met ons
Twee namen krijgt het kind voordat het geboren is. Jezus: God redt. Immanuël: God met ons. Samen zijn ze het hele evangelie.
“Maria zal een zoon krijgen. Je moet Hem Jezus (= ‘God redt’) noemen. Want Hij zal zijn volk bevrijden van hun ongehoorzaamheid aan God en daarmee van Gods straf.” (…) “Het meisje dat nog maagd is zal in verwachting raken en een zoon krijgen. De mensen zullen Hem Immanuël noemen. Dat betekent: ‘God is met ons.’”
Twee namen. De engel geeft de eerste: Jezus. Jesaja had de tweede al gegeven, zevenhonderd jaar eerder: Immanuël.
Jezus is Hebreeuws voor “de Heer redt”. Het is een gewone naam in die tijd, zoals Jozua. Maar de engel legt uit waarom: Hij zal zijn volk bevrijden. Dat is wat Hij komt doen.
Immanuël is geen naam die iemand Hem ooit noemde; het is een beschrijving. God met ons. Dat is wie Hij is.
Doen en zijn. Redden en erbij zijn. Je hebt ze allebei nodig. Een God die je redt maar niet bij je is, is een verre God. Een God die bij je is maar je niet redt, is een machteloze God. Dit kind is allebei.
Matteüs begint zijn boek met Immanuël, God met ons, en eindigt het met: Ik ben alle dagen met jullie. Het hele evangelie zit tussen die twee zinnen. En jouw jaar ook. Dag 1 begon met “volg Mij”. Dag 365 eindigt over een paar dagen. Ertussen was Hij er. Alle dagen.
Zeg vandaag beide namen hardop. Jezus. Immanuël. Meer hoef je niet te bidden.
Bron: Matteüs 1:21, 23 (BasisBijbel)