Rust & Sabbat·11 juli·dag 192
De sabbat is er voor de mens
Jezus kreeg ruzie over de sabbat. Niet omdat Hij hem afschafte, maar omdat Hij hem teruggaf aan waar hij voor bedoeld was.
De leerlingen lopen op sabbat door een graanveld en plukken wat aren. De Farizeeën zien het en zeggen: dat mag niet, dat is oogsten, dat is werk.
Jezus antwoordt met een verhaal over David die brood at dat hij niet mocht eten, en dan zegt Hij de zin: De sabbat is gemaakt voor de mens, niet de mens voor de sabbat.
Dat is een omkering die je makkelijk mist. De Farizeeën hadden van de rustdag een prestatie gemaakt. Negenendertig soorten werk die je niet mocht doen, met subregels. Je kon de sabbat fout doen. En dus werd de dag die bedoeld was om op te ademen, een dag om op te letten.
Jezus zegt: jullie hebben het omgedraaid. God gaf de sabbat als cadeau. Voor jullie. Om te rusten, te eten, te genieten, te ademen. Als het cadeau een last wordt, klopt er iets niet.
Dat geldt ook voor ons, met of zonder Farizeeën. Rust kan een nieuwe prestatie worden. De perfecte sabbat, het juiste retraiteweekend, de mindfulness-app die je elke dag moet doen. En dan lig je ’s avonds te denken: heb ik wel goed gerust?
Als dat gebeurt, hoor je Jezus in het graanveld. Het is voor jou gemaakt. Niet andersom.
Dus als je sabbat deze week niet lukt zoals gepland: het is goed. Als je in slaap valt tijdens het bidden: het is goed. Als je de hele dag in het gras ligt en niets geestelijks doet: het is goed. Het cadeau is niet in hoe goed je het uitpakt.
Bron: Naar Marcus 2:23-28